Geen wonder dat Klaas Carel Faber de dans weer ontspringt
Mede dankzij Die Stille Hilfe für Kriegsgefangene und Internierte, een organisatie die zich vanaf het einde van de Tweede Wereldoorlog inzet oorlogsmisdadigers van de ergste soort hun verdiende straf te laten ontlopen, zal de Nederlandse oorlogsmisdadiger Klaas Carel Faber ook nu weer zijn verdiende straf ontlopen. Ik schrijf met nadruk, “mede dankzij”, want een belangrijke factor in het vrijwaren van straf voor deze oorlogsmisdadiger is gelegen in het feit dat Duitsland ooit besloot Nederlandse SS’ers de Duitse nationaliteit te vergunnen. Hoe lastig het voor Joden was de dans te ontspringen toen het nationaalsocialisme besloot ze uit te roeien, zo makkelijk was het voor oorlogsmisdadigers na de val van het Derde Rijk veilig de benen te strekken in landen waar ze niet vervolgbaar waren.
Via priesterlijke kanalen werden veilige routes gecreëerd voor oorlogsmisdadigers. Nazi-gezinden wisten ook zeer creatief sluiproutes te creëren via welke oorlogsmisdadigers een veilig heenkomen wisten te vinden. Soms vonden die elkaar in een vruchtbare samenwerking.
Door autoritaire en totalitaire leiders van regimes werden deze oorlogsmisdadigers een rustige oude dag gegund, tenzij een handjevol snode Joden er een stokje voor wisten te steken. Zo wisten Adolf Eichmann, Johann von Leers, Walter Rauff en Josef Mengele via de Stille Hilfe de dans te ontspringen, maar werd Adolf Eichmann desondanks toch bij de kraag gevat.
De “werken” van Adolf Eichmann en Josef Mengele zullen bij de lezers in voldoende mate bekend zijn zodat nadere uiteenzetting niet noodzakelijk lijkt. Walter Rauff zal niet meteen bij iedereen een belletje laten rinkelen, maar deze oorlogsmisdadiger had zich belangrijk weten te maken door Joden in vergaswagens rond te laten rijden tot die de geest gaven. En dat omdat men de ideale geïndustrialiseerde uitroeiing van Joden nog niet helemaal geperfectioneerd had. In de film Shoah van Claude Lanzmann kon men de plaatselijke bevolking van het Poolse Chelmno horen en zien vertellen hoe dat ongeveer geklonken moet hebben.
Voordien werd Walter Rauff ingezet om de Shoah naar Noord-Afrika en het Midden-Oosten uit te breiden, wat hem in Tunesië lukte, waar hij schuldig was aan de dood van 2500 Joden. Omdat men in de Arabische wereld niet vies was van gewezen nazi’s, kon Walter Rauff na de val van het Derde Rijk weer aan de slag in Syrië, waar hij behulpzaam was bij het martelen van Joden.
Zijn oude dag kon hij vredig voortzetten onder de Chileense regimes van de marxist Salvador Allende (die ook niet bepaald bekend stond als vriend van de Joden) en de fascist Augusto Pinochet.
De antisemitische ideoloog Johann von Leers wist na de val van het Derde Rijk ook al niet van ophouden. In de aanloop naar de Shoah was deze nazi vooral een vergiftiger van de Duitse geest met publicaties als Juden sehen dich an (1933), Blut und Rasse in der Gesetzgebung (1936) en Rassen, Völker und Volkstümer (1939). Om de uiteindelijke uitroeiing van het Jodendom via geperfectioneerde kanalen te laten lopen moest men er eerst van overtuigd zijn dat deze uitroeiing noodzakelijk was. En zo’n denker en publicist was Johann von Leers.
Na het einde van de Tweede Wereldoorlog was in de Arabische wereld veel belangstelling voor dit type denkers, zagen we al met de vriendelijke ontvangst van Walter Rauff door Syrië. Johann von Leers kon aan de slag in Egypte, waar ze ook al in de weer waren met de gewezen SS’ er Wilhelm Voss, die met behulp van een team van Duitse rakettechnici het land aan een opvolger van de V-I moest helpen om de jonge Joodse staat naar het leven te staan. Johann von Leers, die vriendschappelijke banden onderhield met de Arabische nazi en Jodenhater Mohammad Amin al-Hoesseini, vervolgde in Egypte en onder respectievelijk Mohammed Naguib en Gamal Abdel Nasser zijn taak de wereld te onderwijzen in het antisemitisme.
Dat de gewezen nazi’s graag rondom Israël clusterden doet vermoeden dat de deceptie dat de volledige uitroeiing van het Jodendom mislukt was men de Joden dan maar achterna moesten reizen om aan de voltooiing te werken. En omdat Johann von Leers geen lid meer kon zijn van de inmiddels ontbonden NSDAP besloot hij zich maar tot de islam te bekeren, zodat naast Mein Kampf hem de koran ten dienste stond zijn Jodenhaat op peil te houden.
Overal waar deze handelaar in angst (vrij naar Geert Mak) neerstreek doop hij zijn pen in het Zyklon B om Joden gereed te maken voor de slachting. Zo ook in het Argentinië van Juan Domingo Perón, die niet alleen graag gastheer was van de gewezen SS’er Bernhard von Lippe-Biesterfeld, die er graag zijn broek liet zakken, maar ook een paradijs bood aan oorlogsmisdadigers. Het mag dan ook geen wonder genoemd worden dat Joden het ook in Argentinië zwaar te verduren kregen.
Toch is in deze het meest cynisch dat juist Gudrun Burwitz-Himmler, de dochter van de architect van de Shoah, Heinrich Himmler en vriendin van wijlen Florrie Rost van Tonningen-Heubel, zich nu met Stille Hilfe inzet voor een prettige oude dag voor oorlogsmisdadigers als Klaas Carel Faber.
Misschien zou onze nationale pers zich daarover meer moeten opwinden dan over de prinsenvlag van de PVV, waarover zakkenvuller (want waarom moet die instelling geld verdienen aan foto’s van de Tweede Wereldoorlog?) David Barnouw van het NIOD beweert dat die een bruine smaak heeft. Maar zoals de Nationale Dodenherdenking allang niet meer over de Shoah gaat, houdt het NIOD zich vooral bezig met klimaat maken tegen de enige echte verdedigers van de overlevenden en nabestaanden van de slachtoffers van de Shoah.
Filantroop
