Woestijnstorm


Het zal u niet verbazen dat ik voor Khadaffi ben. Ja, ik houd het maar op deze pittoreske schrijfwijze van zijn naam, want het is juist de pittoreske Khadaffi die ik zo leuk vind. Gelukkig ben ik geen politicus en ik hoef dus geen verantwoording af te leggen voor dit standpunt. Ik herken me eerder in een uitspraak van de Franse schrijver André Gide die zei dat hij de neiging had de kant van de verliezers te kiezen. Natuurlijk speelt nog iets anders een rol. De intello’s lijken het opeens vergeten te zijn, maar er is een tijd geweest dat een linkse jongen een zekere sympathie voor Khadaffi hoorde te hebben. Nu, als ik iets wil dan is het wel een echte linkse jongen te zijn. Daarover zal bij mijn lezers geen enkele twijfel bestaan, nietwaar? Sartre heeft eens verklaard dat een intellectueel links hoort te zijn en anders geen intellectueel is. Zo eenvoudig is dat. Sartre zal het wel weten, want hij volgde de Ecole normale supérieure, de Franse opleiding bij uitstek voor schoolmeesterachtige betweters.

Bovendien, ik heb geleerd dat een zekere trouw aan beginselen doorgaans mooi wordt gevonden. Dus ik verklaar: Khadaffi was indertijd geweldig, dan is hij nog steeds geweldig. Ja, maak het niet moeilijker alstublieft. Zo gaat het toch ook met de reputatie van Fidel Castro,van wereldkampioen massamoorden Mao en nog een paar andere schattebouten? Onze intello’s zien altijd nog wel iets in deze criminelen. Dus waarom Khadaffi laten vallen? Is hij uit de mode?

In ernst: ik denk dat Khadaffi heel griezelig is, een waarheid waar de linkse intello’s jaren voor nodig hebben gehad om erachter te komen. Maar politiek lijkt me geen theekransje van oude dames. In de politiek – ik bedoel de Realpolitik die de enige politiek is – wordt niet gekozen voor de lieverds. Dan zou een sufferdje als Jan Terlouw allang secretaris-generaal van de Nato zijn, zo niet president van de Verenigde Staten.

Wat een leuke tijden beleven we toch! Het bericht dat die afschuwelijke komediant Ghandi niet zo onberispelijk was als hij zich altijd voordeed (ik denk nu aan zijn minachting voor de zwarten), verheugt me echt. Jezus, wat een meester in de chantage was me dat! Churchill en menige andere Engelse premier moeten hem in gedachten vaak door de worstmolen hebben gehaald. Maar de Indiase hypocrisie is onovertrefbaar. Denk aan al die ‘wijsheid’ die uit dat land komt. Er is geen bewoner van India die daar ook maar een seconde in gelooft. Hij weet dat hij in een keiharde maatschappij leeft waarin men z’n buurman laat sterven om er een euro aan te verdienen. Maar wat bewonderenswaardig toch om dat alles te verbergen achter een scherm van grote beschouwelijkheid en een totaal gebrek aan materialisme. Hou ze in de gaten, die zijden kerels. Bij ons waren het uiteraard de jonge en oude wijven – en hun mannelijke geestverwanten – die als een blok vielen voor deze oplichters. Acteurs en cabaretiers toonden ook weinig weerstand, in de eerste plaats natuurlijk omdat het een kwestie van culturele mode is (en acteurs en cabaretiers kunnen geweldige hoeren zijn).

Maar hadden we het niet over Khadaffi? Ja, van de ene komediant kom je op de andere. Maar moet die man nu weg? Ik woon in Belgenland en volg dus de televisie van dit operettestaatje. Zodra de opstand in Tunesië begon en zich snel via Facebook verspreidde over de Arabische wereld, heerste er vreugde in de redactiekamers. Trouwens, bij ‘De wereld draait door’ niet minder. Er was revolutie in de Arabische landen en onze intello’s geilen op revolutie. Volgens deze gefrustreerde mensen brengt revolutie altijd verbetering. Ze kunnen het niet zo goed vinden met hun ouders, hun leraren, hun partners – en dus is elke verbetering welkom. Ik begrijp hun hopeloze toestand, maar dat is nog geen reden naar hen te luisteren. Helaas doet de bevolking dat soms wel.

Ik herinner me nog goed hoe de Libische opstandelingen de stad Benghazi veroverden en de Vlaamse ‘star reporter’ Rudi Vranckx – ‘deskundige’ van het Midden-Oosten, maar hij spreekt geen woord Arabisch – ons informeerde, veilig vanuit Tobroek. Die man draagt dan zo’n sjofelsjaaltje als tegenwoordig in de mode is en omdat we hier zo tegen vrouwen met sjaaltjes zijn, ben ik soms bang dat ze daar tegen mannen met sjaaltjes zijn en hem zullen kelen. Maar nee hoor, alles ging goed. Tenslotte stond hij te juichen met de opstandelingen, die nog wel meer van zulke journalisten wilden zien. De nieuwslezeres Martine Tanghe vroeg met nauw bedwongen emotie of het daar ‘nu feest was’. En Rudi Vranckx kon bevestigen dat de stemming inderdaad opperbest was. Kortom, de wereld zou gered worden. Tenslotte riepen de opstandelingen dat het hun om democratie ging. En kent u wat beters? Omdat wij democratie hebben, moet het wel iets onovertrefbaars zijn.

Heel komisch zijn altijd de interviews die worden afgenomen in zulke oorden. De Vlaamse Radio & Televisie weet altijd de een of andere homo op te graven, die ons wel eens precies zal vertellen hoe het in elkaar zit. Ik veronderstel dat de journalisten zo iemand in hun vrije uren ontmoet hebben. Niets tegen de mening van een homo trouwens – ik ‘heb homo’s onder mijn beste vrienden’ en het is nog waar ook – maar laten ze wel op het scherm verschijnen in de verhouding waarin ze op aarde rondlopen. Heel grappig werd toen ze een echt exhibitionistische homo hadden gevangen die giechelend en dansend zijn commentaar op de oorlog gaf. Een verrassend contrast met al die macho’s en hun machinegeweren. Ze maken er wat van, die Vlaamse ‘star reporters’. Zondag nog keek ik naar een herhaling van een serie ‘De weg naar Mekka’ waarin Jan Leyers ons meeneemt door het Nabije Oosten. Een ietwat ontwikkelde Vlaming beheerst het Frans, maar Leyers niet. Of hij moet een ontstellende boer zijn. We zagen hoe hij op bezoek was bij een zeventigjarige zangeres in Algerije. Spreekt hij haar aan met ‘tu’!

Er ontstond enkele weken geleden over de hele wereld een soort rage om Khadaffi ten val te brengen. Wilde je voor een progressieve politicus doorgaan, dan verklaarde je boudweg dat die ‘schurk’ moest worden opgeruimd. Binnen enkele dagen wist iedereen welk politieke kamp hij moest kiezen. Was dit het juiste kamp? Er leek toen geen enkele twijfel over te bestaan – en playboy Sarkozy ging voorop, mogelijk op de maat van een chanson van zijn vrouw. Tot op de dag van vandaag gooit die man zich in elk avontuur dat een tijdelijke politieke winst lijkt op te leveren. Hij zou er nog wel eens spijt van kunnen krijgen.

Als u het mij vraagt of als u het mij niet vraagt: ik zie mensen als Khadaffi als de kurk op de fles. Ze vormen het minste kwaad, ze voorkomen erger. Net als een Moebarak, net als een Saddam Hussein. En net als indertijd de sjah van Perzië. Mogelijk ligt dit te ver terug voor u, maar god, wat waren onze progressieven gelukkig toen die verjaagd werd. Het was ook weer een schurk, uiteraard geholpen door die andere schurken, de Amerikanen. Nu, u hebt kunnen zien wat ervan gekomen is, van het vertrek van de sjah. En al het gedoe rond die man betekende niet alleen de ondergang van Iran, maar was ook de aanleiding van het extreem-linkse gezeik in Duitsland. Is bij een bezoek van de sjah in 1967 niet een demonstrant gedood en was dat niet het excuus voor al die verlichte en weinig studerende studenten om daarna industriëlen en dergelijke op te gaan blazen? Het werd ook toen echt feest dus, precies zo’n feest als nu de Vlaamse televisiemensen (en ook Matthijs van Nieuwkerk) zo prettig opwindt. En het is opnieuw Amerika dat nog een beetje blijk van inzicht geeft en zich op enige afstand van het geheel houdt. Dat loedertje Hilary Clinton liet in het begin nog wel even krijgsgehuil horen, maar ze is duidelijk tot de orde geroepen – het zijn niet meer de dagen van haar olijke echtgenoot Bill.

Met spanning volg ik de gebeurtenissen in Libië. Ik denk geen ogenblik dat het vertrek van Khadaffi het bloedvergieten zou vermijden. Tenslotte gaat het niet om de macht van één enkele man, maar om die van een stam. Verliest die stam, dan wordt die lekker afgemaakt. Daarom vechten ze ook als bezetenen in Libië. Het is bij ons gebruikelijk alle verklaringen van Khadaffi-aanhangers met grote ironie te brengen, maar ik kan niet laten de indruk te krijgen dat die aanhangers een graadje beschaafder zijn dan de tegenstanders. Kennelijk is het een maatschappelijke bovenlaag. Laat die bovenlaag maar blijven. Zielig zijn de vrouwen en kinderen en bejaarden die de dood vinden (alsook de zwarte gastarbeiders die voor huurlingen van Khadaffi werden aangezien). De mannen van beide partijen hebben daarentegen weer de tijd van hun leven – reden genoeg om zich nooit te mengen in al die stammenoorlogen in de wereld.

Boudewijn van Houten (1939) is een Nederlandse schrijver die al sinds vele jaren in België woont. In 1970 debuteerde hij met Onze hoogmoed – het waargebeurde verhaal van een groep studenten die de PTT oplichtte. Andere bekende boeken van hem zijn Zoveel lol – een jaar in het studentencorps (herdrukt als De Ontgroening), Fout (de nuchtere balans van zijn jeugd in een collaborateursgezin) en Erotisch Dagboek. Van Houten bedrijft vele literaire genres. Recent verschenen Mijn auto’s (Een autobiografie) en Een lichtzinnig leven – beide uitgegeven door Aspekt.

Informatie over dit artikel:

(Geef commentaar, kijk wat andere hebben geschreven of plaats een link op je eigen weblog!)


Vorige en volgende artikelen

Categorieën