De selectiviteit van de fascistenjagers
De linkse hielenlikkers van de islam fulmineren en schrijven missives vol tegen het opkomende fascisme dat ze belichaamd zien in Wilders en diens PVV. Deze begeestering biedt echter veel ruimte voor overpeinzingen, als je de op handen zijnde steniging (en de vele andere die er in moslimstaten nog zullen volgen) ziet ontbreken in het illustere rijtje van bezorgdheden waar deze vrinden van de islam hun vrije uurtjes aan besteden. Onder het mom van: de ene doodstraf is de ander niet, doet zich een merkwaardige zwijgzaamheid over de voorgenomen steniging van de Iranese vrouw Sakineh Ashtiani voor. In Amsterdam werd door een handjevol verontrusten gedemonstreerd tegen deze barbaarse praktijken. Zowel in de publiciteitsmedia als onder de op “fascisten” jagende politici en opiniemakers valt de stilte over de ophanden zijnde steniging op als een hels kabaal. Immers, zo selectief de mens met de bezorgdheid over de schendingen van mensrechten omgaat, tref je die voornamelijk in het linkse diocees aan. Zo anders was het toen de Spaanse dictator en generalísimo Francisco Franco zijn handtekening had gezet onder het doodvonnis van drie leden van de guerrillabeweging FRAP en twee van de afscheidingsbeweging ETA. Let wel, het betrof hier geen plegers van buitenechtelijk verkeer of een belijdend homoschap, maar terroristen die vonden dat de verwezenlijking van hun idealen tomeloos geweld rechtvaardigde.
Het is 27 september 1975 als het kabinet Den Uyl tot een protestdemonstratie oproept tegen de executie, die aanvankelijk aan de wurgpaal uitgevoerd zou worden, maar zoals later zou blijken, voor het vuurpeloton eindigde.
Een menigte van tienduizenden geeft acte de présence om in de schaduw van de Utrechtse Domkerk te protesteren tegen deze executie.
Met de voor Joop den Uyl bekende pathos met het hete aardappeltje op de tong en de armen breed gebarend, klautert de premier van het centrumlinkse kabinet op het welvende dak van een Volkswagen om de menigte met van emotie bevende stem toe te spreken: Wij staan hier om te strijden tegen de tirannie die ons hert doorwondt. Wij zijn één. Hun strijd is onze strijd. Internationale solidariteit! en Als naast de deur het vuurpeloton aantreedt, dan moeten de schoten ons uit de slaap houden.
Er waren in die dagen talloze andere dictators die de betekenis van het begrip mensenrechten nog niet aan hun vocabulaire toegevoegd hadden en waarvoor de premier het autodak van een Volkswagen had kunnen bestijgen.
Het rijtje potentaten dat zich moorddadig van almacht wist te verzekeren, zou de premier destijds hebben kunnen bewegen een heel wagenpark met zijn gummihakken te vernielen.
Maar deze verzetsstrijder in vredestijd had al eerder de moed betoond als trouw ambtenaartje in bezettingstijd rustig Dolle Dinsdag af te wachten om te besluiten rondom een verzetsblaadje te scharrelen en zodoende tot “held” van het Koninkrijk Der Nederlanden uitgeroepen te worden.
Van bewindslieden uit het regiment van Nieuw-Links en de PPR gerekruteerd, die met alle begrip voor de DDR en de Berlijnse muur, de morele bezwaren tegen rechtse dictators opvallend zwaarder lieten wegen dan die welke ze tegen de linkse en islamitische dictators opwierpen, was niet te verwachten dat ze massa’s voor andere dan voor rechtse dictators de straat op dicteerden.
In het jaar dat Joop Den Uyl het dak van een Volkswagen indeukte werd er volop politiek geliquideerd door Nicolae Ceausescu, Kim Il Sung, Idi Amin, Fidel Castro, Pol Pot, Mao Zedong, Leonid Brezjnef, Josip Broz Tito, Willi Stoph, Enver Hoxha, Moammar al-Qadhafi en nog velen van kleiner garnituur.
Dat het begrip selectieve verontwaardiging sindsdien gemeengoed werd mag heden ten dage blijken uit het feit dat de straat demonstratief bestormen zich beperkt tot motieven als Wilders, Israël, racisme, kraken en milieu.
In ieder geval is er geen PvdA’er die er het glibberige dak van een Volkswagen voor riskeert. En de kans dat een PvdA-premier (indien die niet de hielen voor naderend onheil gelicht had) opgeroepen zou hebben tot een massademonstratie, kan ongeveer als net zo groot ingeschat worden als dat het bedrijfsleven bereid is door Wilders te gedogen het lucratieve handeltje met dictaturen riskeren.
Dus mogen Sakineh Ashtiani en de 22 andere gevangenen in Iran (waaronder vier minderjarigen) die op een barbaarse dood wachten op een houtje bijten.
Filantroop
Reageren? Dat kan op Artikel 7.
